Jeruzalem een hoog gebouwde stad. Honderden meters boven de zeespiegel. Sta je op het hoogste punt, het tempelplein of wat daar nog van over is, dan kun je heel ver kijken. Als je dan je blik op het oosten richt in de richting van Irak, Iran, Babel...dan kun je wat zien, iemand zien, God zien. Hij komt terug met Zijn volk. Zie uw God. Daar komt Hij aan, heel in de verte, als een herder met schapen. Hij let op de Zijnen als op lammeren en schapen. Het zal hen aan niets ontbreken. Sion, klim op een hoge berg, verhef uw stem…zie uw God! 

Zo staat het er ongeveer in Jesaja 40. Juda is weggevoerd naar Babel, maar de ballingschap loopt ten einde. Niet dat zij er iets van geleerd hebben. Integendeel. Ze zijn eigenlijk nog net zo doof en blind als voorheen. Maar wat God beloofd heeft, doet Hij. Hij denkt aan Zijn verbond en gaat Zijn volk terugbrengen naar Jeruzalem en de steden daar omheen. Cyrus, de koning van de Perzen, is Zijn instrument. Een machtige vorst als een stofje aan de weegschaal van God. 

Wat een troost. Wat een genade. Hier blijkt het welbehagen van de Vader. Zijn liefde is verkiezende liefde. Eenzijdig. Hij wil niet dat Zijn volk verloren gaat en Hij doet er alles aan om te behouden. Hij is een Heiland en buiten Hem is er geen. Hij heeft een plan met de kerk in de wereld. Dat voert Hij uit via Israël met het oog op de volken. 

Er klinkt ook een stem van een heraut. Dat doet ons denken aan Johannes de Doper. Zijn boodschap is helder: Bereid de weg. Maak ruim baan voor deze Koning. Hij komt. Ruim alle puin, hindernissen en barricaden op. Maak de weg effen. Wees bereid. Uw Koning komt. Hij komt, Hij komt om de aarde te richten. Hij houdt Zijn volk in stand. Wie niet gelooft, doet Hij beven. Ben je er klaar voor? Voor Hem? 

Kerstfeest en wederkomst. Hij kwam bij ons heel gewoon, de Mensenzoon. Hij zal komen om te oordelen de levenden en de doden. In het nieuwe jaar mag Hij verkondigd worden en klinkt de oproep tot geloof. Wees bereid. Ruim alle puin. Stel je hart open. Belijd Hem alle zonden. Geloof dit heil- en troostrijk woord. Hij toont genade en vraagt om geloof. 

Zie. Dat is een appèl om te geloven. De verkondiging is niet vrijblijvend. De kring ook niet en de catechese even min. Wie hoort, wordt opgeroepen daadwerkelijk te geloven. Trek de consequenties. Maar weet: deze God is een God van volkomen heil. Wie Hem aanroept, bidt, vindt Zijn gunst, genade in overvloed. 

Kom tot (jo)uw Heiland, wacht niet langer. Dat kan geen uitstel lijden. Laat je leiden, verhard je niet. 

Ds. F. van Roest